4. Navigator

background image

4. Navigator

Het navigatiesysteem heeft een interne GPS-ontvanger voor het
bepalen van uw huidige positie en voor routenavigatie (“turn-by-turn-
navigatie”).

Wanneer u het apparaat aanzet, verschijnt de kaartweergave van de
toepassing

Navigator

. U gebruikt de navigatie door op de menutoets te

drukken en op

Telefoon

te wijzen. U kunt ook op

wijzen.

Het apparaat ontvangt signalen van een aantal GPS-satellieten om uw
huidige positie te bepalen. Voor GPS-satellietnavigatie moet het
apparaat vrij zicht op de hemel hebben.

Het kan enkele seconden tot enkele minuten duren voordat een GPS-
verbinding tot stand komt. Die tijd hangt af van hoe goed de GPS-
ontvanger satellietsignalen kan ontvangen. Het tot stand brengen van
de verbinding duurt langer als u een aantal dagen geen GPS hebt
gebruikt of als u zich op grote afstand bevindt van de laatste locatie
waar u GPS hebt gebruikt.

Als de kwaliteit van de GPS-verbinding goed is, wordt weergegeven.
Als de verbinding niet goed genoeg is voor navigatie, wordt
weergegeven. Controleer in dat geval of het apparaat een onbelemmerd
zicht op de hemel heeft.

Zie "Dvd", pagina 8 voor informatie over het kopiëren van
navigatiebestanden naar de geheugenkaart. Kopieer alle
navigatiebestanden naar de map Cities.